Home | Personen in de Bijbel
David

De Bijbel over David: 1 SamuŽl 16: 12,13: IsaÔ liet hem (David) halen. Het was een knappe jongen met rossig haar en sprekende ogen. En de Heer zei: ĎHem moet je zalven. Hij is het.í SamuŽl nam de hoorn met olie en zalfde hem te midden van zijn broers. Van toen af aan was David doordrongen van de Geest van de Heer.

1 SamuŽl 17: 45,46 (over het gevecht van David met Goliat): ĎJij daagt me uit met je zwaard en je lans en je kromzwaard,í antwoordde David, Ďmaar ik daag jou uit in de naam van de Heer van de hemelse machten, de God van de gelederen van IsraŽl, die jij hebt beschimpt. Maar vandaag zal de Heer je aan mij uitleveren: ik zal je verslaan en je hoofd afhouwen, en ik zal de lijken van de Filistijnen aan de aasgieren en de hyenaís ten prooi geven, zodat de hele wereld weet dat IsraŽl een God heeft.

2 SamuŽl 7: 13-16 (de Heer zei via de profeet Natan tegen David): Ik zal ervoor zorgen dat zijn troon nooit wankelt. Ik zal een Vader voor hem zijn en hij voor Mij een zoon: als hij zondigt, zal Ik hem kastijden met stok- en zweepslagen, zoals een vader doet, maar hij zal nooit bij Mij uit de gunst raken zoals Saul, die Ik verstootte omwille van jou. Jou stel Ik in het vooruitzicht dat je koningshuis eeuwig zal voortbestaan en je troon nooit zal wankelen.Ē

Hierboven enkele bekende teksten over David. Wie was David. Hoe is hij door God geroepen. Hoe heeft hij zijn koningschap vervuld. Wat weten we over zijn geloof. Welke zonden heeft hij begaan en hoe reageerde God daarop. Wat is het belang van zijn koningshuis. Wat kunnen wij van hem leren.

Dat en nog meer is te lezen op de pagina's:
| Sites | Verantwoording | Sitemap |