Home | Overwegingen
Dopen

Hier komen de twee belangrijkste, verschillende opvattingen over (de bediening van) de Heilige Doop in de christelijke gemeente aan de orde. Het woord dopen heeft in de nederlandse taal drie actuele betekenissen:
  1. Onderdompelen in water: in het kader van de doopsbediening symboliseert dit de afwassing van de zonden. Zoals het water het vuil afwast, zo worden door de doop de zonden symbolisch afgewassen. Iemand die bekeerd is tot het christendom wil niet meer in de zonden blijven leven, maar een nieuw leven beginnen, achter Jezus aan. In Handelingen 19 : 4 staat het zo: Johannes doopte de mensen om hen een nieuw leven te laten beginnen en zei tegen hen dat ze moesten geloven in Degene die na hem kwam, in Jezus. Er zijn gemeenten die een waterbassin bezitten, om de doop door onderdompeling te kunnen toepassen. Andere gemeenten gaan voor een doopdienst naar een zwembad. In warme landen wordt de onderdompeling vaak in een rivier gedaan.

  2. Beprenkelen met water: het besprenkelen met water staat symbool voor het onderdompelen. Omdat het toch om een symbolische handeling gaat, vindt men onderdompeling, hoewel als beeld mooi, niet echt nodig. Besprenkelen vindt men praktischer dan onderdompelen, zeker als er ook kinderen en babies worden gedoopt.

  3. Een naam geven: dit heeft ook met de doopsbediening te maken. In Galaten 3 : 27 staat: U allen die door de doop één met Christus bent geworden, hebt u met Christus omkleed. Hieruit kan ondermeer worden afgeleid dat wij door de doop de naam christen ontvangen. We laten dit punt hier verder rusten.
Twee stromingen
Wij komen met name twee stromingen tegen als het gaat om de bediening van de doop en de visie op dit sacrament. Deze twee stromingen worden hier aangeduid als resp. “teken-dopers” en “getuigenis-dopers”, om het onderscheid steeds te kunnen aangeven. Geen enkele naam doet helemaal recht aan deze stromingen, maar ik prefereer deze benamingen boven bijv. voor- en tegenstanders van de kinderdoop. De stromingen kenmerken zich alsvolgt:

Teken-dopers:
De doop is een teken en een verzegeling van Gods verbond, dat Hij aangaat met elke gelovige en zijn / haar kinderen. De bediening van de doop is een handeling waarbij de dopeling formeel lid wordt van de christelijke gemeente (dooplid).

Getuigenis-dopers:
De doop is een wens van de gelovige, die daarmee wil laten zien dat hij met zijn oude leven wil breken, zijn zonden wil laten afwassen en Christus wil volgen. De bediening van de doop is een handeling waarmee de dopeling getuigenis geeft van zijn keus om Christus te gaan volgen.

De besnijdenis voorbij
Uit het Nieuwe Testament kan worden afgeleid dat de besnijdenis zijn betekenis heeft verloren. In 1 Korintiërs 7 : 19 staat: Het is volkomen onbelangrijk of men wel of niet besneden is, belangrijk is dat men de geboden van God in acht neemt.

De teken-dopers gaan er vanuit dat de doop in de plaats van de besnijdenis is gekomen. Kolossenzen 2 : 11, 12: In Hem bent u ook besneden, niet door mensenhanden, maar met de besnijdenis van Christus, door het afleggen van het aardse lichaam. Toen u gedoopt werd bent u immers met Hem begraven, en met Hem bent u ook tot leven gewekt, omdat u gelooft in de kracht van God die Hem uit de dood heeft opgewekt. Evenals vroeger de mannen en de jongens werden besneden, moeten volgens hen nu alle gelovigen met hun kinderen worden gedoopt.

De getuigenis-dopers gaan er vanuit dat de besnijdenis is vervangen door de besnijdenis van het hart. Uit dezelfde, hierboven aangehaalde tekst (Kolossenzen 2 : 11, 12) leiden zij af dat de besnijdenis, niet door mensenhanden, niet anders kan zijn dan de besnijdenis van het hart. Dat betekent zoveel als de besnijdenis van je leven: je kunt als volgeling van Christus niet meer alles doen wat je maar wilt. Maar je zult je aardse zaken moeten ontzeggen om heilig voor God te kunnen blijven leven, om niet te zondigen. In deze tekst wordt dat genoemd: de besnijdenis van Christus, door het afleggen van het aardse lichaam. Uit het tekstgedeelte: Toen u gedoopt werd bent u immers met Hem begraven, en met Hem bent u ook tot leven gewekt, omdat u gelooft... leiden zij tevens af dat de doop een bewuste daad moet zijn van gelovige mensen, die Jezus willen volgen.

Handelingen 2 : 38 en 39
Het verschil tussen de stromingen wordt ook zichtbaar in de interpretatie van Handelingen 2 : 38 en 39. We laten dit gedeelte nu eerst volgen: Petrus antwoordde: Keer u af van uw huidige leven en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus om vergeving te krijgen voor uw zonden. Dan zal de Heilige Geest u geschonken worden, want voor u geldt deze belofte, evenals voor uw kinderen en voor allen die ver weg zijn en die de Heer, onze God, tot zich zal roepen.

De teken-dopers gaan er vanuit dat God hen en hun kinderen roept in het kader van de verbondsrelatie. Zie voor de betekenis van het verbond en de twee verbondslijnen de pagina Het verbond op deze website. Zoals Hij die relatie aanging met de Israëlieten en hun kinderen, zo gaat Hij die nu aan met de gelovigen en hun kinderen. Daar waar de kinderen van Israël werden besneden, worden de kinderen nu gedoopt, als teken en verzegeling van dat verbond. Omdat God Zijn belofte, dat de Heilige Geest geschonken wordt, ook aan de kinderen geeft, mogen die niet van de doop worden uitgesloten.

Volgens de getuigenis-dopers heeft het roepen van God direct betrekking op het roepen door de Heilige Geest tot het geloof. Die roeping begint met de bekering tot een christelijk leven, met de keuze voor Christus. De geroepene maakt dat zichtbaar door zich eerst te laten dopen. Daarmee legt hij getuigenis af van de weg die hij wil gaan. Bij Zijn optreden op aarde was de eerste daad die Jezus Christus deed: Zich laten dopen. Iemand die Hem wil volgen zal zich daarom eerst laten dopen. Van kleine kinderen en babies kan dit nog niet worden verlangd, omdat zij de roepstem van God nog niet begrijpen.

Doop en doop is twee
Uit bovenstaande blijkt wel dat de teken-doop een geheel ander karakter heeft dan de getuigenis-doop. Het komt regelmatig voor dat gelovigen, die als kind gedoopt zijn, zichzelf alsnog laten dopen. De teken-dopers zien dit als “overdopen” en keuren dit af. De getuigenis-dopers beschouwen de teken-doop echter niet als een echte doop, maar meer als een opdragen van het kind aan God.

Meningsverschillen
De doop is in de geschiedenis al eeuwen een onderwerp van discussie geweest. In de 16e eeuw werden getuigenis-dopers (toen wederdopers genoemd) fel bestreden en zelfs opgehangen. Er heerste toen een ware doop-oorlog. In de vorige eeuw nog vond er een kerkscheuring plaats over het antwoord op de vraag, wat achteraf gezien de waarde is geweest van de doop van een kind, dat zich later van het christelijk geloof heeft afgekeerd. Ook is er in de vorige eeuw discussie ontstaan over de vraag of wettig geadopteerde kinderen gedoopt mogen of moeten worden. Later is dezelfde vraag gesteld voor pleegkinderen. Het onderwerp “Dopen” is kennelijk nog niet zo eenvoudig.

Hoe nu verder
Verbondsvisie en opvattingen over de doop liggen in elkaars verlengde. Alleen verdere studie en overleg, en het licht van de Heilige Geest kunnen ons op dit punt dichter bij elkaar brengen. Het is wel een pijnlijk onderwerp, omdat dit mensen in verwarring en zelfs in gewetensnood kan brengen. We moeten echter wel beseffen dat de redding van de kinderen niet afhankelijk is van onze opvattingen of van onze doopspraktijk, maar van Hem die gezegd heeft: Laat de kinderen ongemoeid, belet ze niet bij Mij te komen, want het koninkrijk van de hemel behoort toe aan wie is zoals zij. (Matteüs 19 : 14).
| Sites | Verantwoording | Sitemap |