Home | Feestdagen
Goede Vrijdag

Jezus was gehoorzaam
Op de pagina Kerstfeest werd al duidelijk dat de komst van Jezus Christus in deze wereld geen op zichzelf staande gebeurtenis was. God zond Zijn Zoon naar deze wereld om Zijn Reddingsplan uit te voeren. Jezusí verblijf op aarde was absoluut geen plezierig uitstapje. Hij zou juist een zwaar en kort leven tegemoet gaan.

Hij leerde al op jonge leeftijd wat Hem te wachten zou staan. Je kent misschien het verhaal uit Lucas 2 : 40 t/m 52, beschreven op de pagina Jong geleerd. Al op twaalfjarige leeftijd zat Jezus in de tempel tussen de leraren. Deze leraren stonden versteld van Zijn kennis en van Zijn inzicht in de Schriften (de boeken van het Oude Testament (OT)). Toen leerde Jezus al wat er van Hem werd verwacht. Hij kende de teksten uit het OT, waarin werd geprofeteerd van Zijn taak hier op aarde. En in de uitoefening van die taak was Jezus gehoorzaam aan Zijn Vader in de hemel.

Jezus als offerlam
Vroeger moest elk jaar op de grote verzoendag een offer worden gebracht voor de zonden van het volk IsraŽl. Ašron, de hogepriester, moest dit offer brengen. God had precies voorgeschreven hoe dit moest worden gedaan. Je kunt dat lezen in Leviticus 16. In het laatste gedeelte van dit hoofdstuk zegt God (vers 33 en 34): Zo bewerkt hij (de hogepriester Ašron) verzoening voor de priesters en de hele gemeenschap. Deze bepaling blijft voor jullie voor altijd van kracht: eenmaal per jaar moet voor de IsraŽlieten verzoening bewerkt worden voor al hun zonden. Jezus had de taak om met het offer van Zijn eigen lichaam voor eens en voor altijd God volledig met ons mensen te verzoenen. Het (steeds opnieuw) brengen van offers is met Zijn kruisdood voorgoed overbodig geworden.

In HebreeŽn 9 : 24 t/m 26 staat het zo: Christus is ....... in de hemel zelf, waar Hij nu bij God voor ons pleit. Hij brengt daar niet telkens opnieuw het offer van Zijn leven; Hij is dus niet te vergelijken met de hogepriester die elk jaar het heiligdom binnengaat, en dat met bloed dat niet het zijne is, want dan zou Hij (Christus) sinds de grondvesting van de wereld telkens opnieuw hebben moeten lijden. Nee, Hij heeft Zich bij de voltooiing van de tijden eenmaal geopenbaard, om met Zijn offer de zonde teniet te doen.

Jezus de Koning
Toen Jezus dertig jaar was begon Hij aan Zijn optreden op aarde. Hij zou Koning van IsraŽl worden. Zo had de engel van God het voorzegd, toen hij tegen Maria zei (Lucas 1 : 31 t/m 33): Luister, je zult zwanger worden en een Zoon baren, en je moet Hem Jezus noemen. Hij zal een groot Man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd, en God, de Heer, zal Hem de troon van Zijn vader David geven. Tot in eeuwigheid zal Hij Koning zijn over het volk van Jakob, en aan Zijn koningschap zal geen einde komen. Vele IsraŽlieten verheugden zich op Zijn aanstaande koningschap, want dan zouden de Romeinen uit het land worden verdreven en het volk IsraŽl opnieuw in vrijheid kunnen leven.

Maar het liep, zo voor het oog, heel anders af met Jezus. In plaats van op de troon kwam Hij aan het kruis. Dat zal bij veel mensen in die tijd verdriet, onbegrip en teleurstelling hebben opgeleverd. Ze hadden hun hoop zo op Hem gevestigd, maar helaas.

Toch hebben deze mensen nooit goed naar Jezus geluisterd. Hij heeft zoveel dingen over Zijn Koningschap gezegd. Bijvoorbeeld in Johannes 18 : 36: Jezus antwoordde: Mijn koningschap hoort niet bij deze wereld. Als Mijn koningschap bij deze wereld hoorde, zouden Mijn dienaren wel gevochten hebben om te voorkůmen dat Ik aan de Joden werd uitgeleverd. Maar Mijn koninkrijk is niet van hier. En toch riep Jezus de mensen steeds op om het Koninkrijk van God te zoeken.

Geloof en koninkrijk
In Handelingen 26 staat beschreven hoe Paulus heeft getuigd van zijn bekering. Hoe Paulus door Jezus Zelf vanuit de hemel tot staan werd gebracht. En hoe Jezus hem toen de opdracht gaf om naar de heidenen te gaan, om hen het evangelie te verkondigen. En na de bekering van Paulus zei Jezus tegen hem over de heidenen het volgende (Handelingen 26 : 18): Door het geloof in Mij zullen ze vergeving krijgen voor hun zonden, en samen met allen die Mij toebehoren zullen ze deel krijgen aan Mijn koninkrijk. Dat is het dus: door het geloof krijg je deel aan het koninkrijk van God. Dat is het koninkrijk waar Jezus Koning is. Door het geloof wordt Jezus Koning van jouw leven en kan de duivel niet meer met jou doen wat hij maar wil.

Jezusí lijden
Sommigen denken dat Jezus het niet moeilijk heeft gehad tijdens Zijn lijdensweg, omdat Hij immers de Zoon van God was. Uit alles wat in de Bijbel staat en betrekking heeft op het lijden en sterven van Jezus, blijkt echter dat Hij verschrikkelijk geleden heeft. Waarschijnlijk was het voor Hem juist zwaarder, omdat Hij de macht had om het lijden direct te stoppen. Maar Hij zag daar vrijwillig vanaf. En daar waar wij het zouden opgegeven, omdat we niet meer zouden kunnen, hield Hij juist vol. Zijn gehoorzaamheid aan God was volkomen. En dat was ook nodig omdat zů alleen Gods toorn kon worden verzoend. Over de toorn van God lees je meer op de pagina: Onze zonden.

Zijn hele leven was een lijdensweg, waarbij Hij het Zichzelf niet gemakkelijk heeft gemaakt. Hij heeft alles gedaan om aan de mensen duidelijk te maken Wie Hij was en waarvoor Hij kwam. Hij ging daarbij Zijn grootste tegenstanders, de FarizeeŽn, niet uit de weg. Zij probeerden met allerlei strikvragen Jezus te pakken op Zijn uitspraken, maar dat lukte niet. Integendeel, Jezus ontmaskerde hen als ongelovigen, die meer om zichzelf gaven dan om God. Uiteindelijk komt het tot een veroordeling, als Jezus zegt, in MatteŁs 23 : 13: Wee jullie, schriftgeleerden en FarizeeŽn, huichelaars, jullie versperren de mensen de toegang tot het koninkrijk van de hemel. Jullie gaan er zelf niet binnen, maar laten ook degenen die er willen binnengaan niet toe.

Jezus wijst naar de Vader
In Johannes 5 : 36 zegt Jezus: Maar Ik heb een belangrijker getuigenis dan Johannes: het werk dat de Vader Mij gegeven heeft om te volbrengen. Wat Ik doe getuigt ervan dat de Vader Mij heeft gezonden. Jezus laat zien dat Hij door Zijn Vader naar de aarde is gezonden, om te doen wat de Vader Hem heeft opgedragen. Het is de Vader die ons liefheeft en Zijn Zoon gestuurd heeft om ons te redden. Zoals dat staat in Johannes 3 : 16 en 17: Want God had de wereld zo lief dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. God heeft Zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door Hem te redden.

Dieptepunt en hoogtepunt
Het ergste van het lijden van Jezus was ongetwijfeld dat Hij aan het kruis vanaf het middaguur zelfs door Zijn eigen Vader werd verlaten. Dit was merkbaar doordat er een totale duisternis over het land viel. Dat was geen zonsverduistering, zoals wij die wel eens meemaken, maar een rechtstreeks ingrijpen van God.

De duisternis is het teken van Gods afwezigheid. Dit was voor Jezus in de meest letterlijke zin van het woord: de hel. Want de hel is de plaats waar God niet is. Aan het einde van drie uur duisternis riep Jezus (MatteŁs 27 : 46): Mijn God, mijn God, waarom hebt U Mij verlaten? Toen stierf Jezus en was Zijn taak volbracht. Bij Zijn sterven ging Hij van de hel naar de hemel. Dankzij Hem, hoeven wij de hel niet te zien, maar gaan wij, door het geloof in Hem, bij ons sterven naar de hemel.

Goede Vrijdag
Het is dubbel, als je verdrietig bent maar tegelijkertijd ook iets hebt te vieren. Dat is kenmerkend voor Goede Vrijdag. Een vreselijke dag voor onze Heiland, een dag waarop Zijn lijden tot een ďhoogtepuntĒ kwam. Maar ook een geweldig mooie dag, een dag waarop de toorn van God werd gestild. Een dag waarop Jezus Christus eeuwige verzoening verwierf voor onze zonden en voor die van de hele wereld. (zie ook de pagina: Onze zonden). Een dag waarop de weg naar Gods troon werd vrijgemaakt. De gebeurtenissen die plaatsvonden toen Jezus overleed getuigen daarvan. MatteŁs 27 : 51 en 52: Op dat moment scheurde in de tempel het voorhangsel van boven tot onder in tweeŽn, en de aarde beefde en de rotsen spleten. De graven werden geopend en de lichamen van veel gestorven heiligen werden tot leven gewekt.

Het kruis als symbool
Het is nauwelijks te beschrijven wat Goede Vrijdag inhoudt en nog minder wat dat voor iemand kan betekenen. Het is Gods Geest Zelf die het in onze harten moet laten ďlandenĒ. Zonder Goede Vrijdag heb je geen leven. Het kruis staat symbool voor waar het in het leven om gaat. De verticale balk wijst naar boven: wij moeten het hebben van onze relatie met God, een verticale relatie. Zonder God kunnen wij niet leven.

De dwarsbalk van het kruis laat ons zien dat wij niet zonder elkaar kunnen, want geloven doe je niet in je eentje. Gelovigen hebben elkaar nodig, om elkaar te bemoedigen en elkaar op het goede spoor te houden. Samen (de horizontale balk) zoeken wij God (de verticale balk), en op die kruising ontmoeten wij Jezus, die de weg naar God de Vader voor ons heeft vrijgemaakt.

Kruisdragen
Toen Jezus op aarde was zei Hij o.a. tegen de mensen (Marcus 8 : 34 en 35): Wie Mijn volgeling wil zijn, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en zo achter Mij aan komen. Want ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van Mij en het evangelie, zal het behouden. Wij moeten in ons leven alles over hebben voor Jezus en alles doen wat nodig is om Hem te volgen. Hij komt op de eerste plaats. Daarvoor moeten wij onszelf wel eens dingen ontzeggen in dit leven. We noemen dat: kruisdragen om Christusí wil. Ons kruisdragen is niet gericht op de verzoening van onze zonden, want dat heeft Jezus al voor ons gedaan. Ons kruisdragen is erop gericht om Hem te volgen en te dienen, en om met ons leven Hem de eer te geven die Hem toekomt.

Op weg naar Pasen
Op Goede Vrijdag stierf Jezus voor onze zonden aan het kruis. Hij maakte de weg naar de troon van God weer open. En God Zelf wilde niets liever dan een open weg waarop Hij ons, als Zijn kinderen, zou kunnen verwelkomen. Toch was ook Goede Vrijdag slechts een stap in het verlossingsplan van God, zoals Kerstfeest dat ook was. Want na Goede Vrijdag kwam al snel Pasen. En op Pasen stond onze Heiland op uit het graf en overwon daarmee de dood. Daarmee ruimde Hij voor ons, gelovigen, opnieuw een barriŤre op. Ook wij zullen eens opstaan uit ons graf. Meer daarover op de pagina Paasfeest.
| Sites | Verantwoording | Sitemap |